zondag 30 maart 2014

Bezuinigingen in de psychische zorg baren zorgen

De bezuinigingen in de GGZ laten zien dat gebrek aan expertise, korte termijn denken, en strategische belangen bepalend zijn voor beleid in plaats van ‘het volksbelang’. Als er in het lichaam iets misgaat vinden we bijna elke vorm van zorg gerechtvaardigd om het euvel aan te pakken en wordt er niet op een paar centen gekeken. Een nieuwe hartklep voor een 80-jarige: natuurlijk! Een extra chemo voor een terminale kankerpatiënt: doen! Een niertransplantatie bij een rokende en drinkende patiënt die gedoemd is om te mislukken: waarom niet?

Maar wat als je brein ontregeld is, als je ziek bent in je hoofd? Bijvoorbeeld als je een depressie onder de leden hebt of als je plotseling zonder reden zo bang bent dat je de straat niet meer op durft? Dat je overtuigd bent dat je wordt gevolgd en dat stemmen in je hoofd je continu uitschelden en je opdrachten geven om de meest vreselijke dingen te doen?

Helaas, als het brein disfunctioneert kijken we het liefst de andere kant op en moet het luisterend oor van de buurvrouw voldoende soelaas bieden. Dat de Nederlandse politiek kwaliteit van leven niet als speerpunt beschouwt zullen we voor lief moeten nemen. Wat onbegrijpelijk is, is haar kortzichtigheid. Door mensen met een depressie, of andere psychiatrische aandoeningen, niet de juiste zorg te bieden wordt de gezondheidszorg op de lange termijn juist duurder.

Lees hier het gehele artikel van Esther van Fenema


Geen opmerkingen: