zaterdag 3 augustus 2013

Herkaderen



Perceptie is projectie, daar begon het boek al mee. Dat wat je waarneemt, vervolgens van betekenis voorziet en op reageert is een proces wat zich bij jou afspeelt. Het zegt iets over jou. De manier waarop je je waarnemingen betekenisvol maakt is je perceptie. Je reactie is je projectie. Dat wat je er over teruggeeft aan je omgeving. Deze wisselwerking vindt voortdurend plaats tussen jou en anderen. Elke dag weer, elk uur, elke minuut misschien wel als je druk in gesprek bent, een stukje schrijft of een schilderij maakt.

De volgende stap van bewust daar van zijn en ermee omgaan is herkaderen. Mensen vragen vaak: “ja maar hoe doe ik dat? Ik snap het nou allemaal wel maar hoe verander ik het?” Dat is een proces van stappen. Het eerste stapje: word je bewust van wat je waarneemt, welke betekenis je ergens aan geeft, welke gevoelens iets oproept. Je perceptie. Is die negatief? Is die positief? Is het neutraal, onzeker of wantrouwend? Dit kan in verschillende situaties anders zijn.

Stap twee: Je reactie. Word je bewust van je reactie. Hoe is je reactie? Is die positief, vrolijk, boos, twijfelachtig, cynisch of sarcastisch, verwijtend naar jezelf toe of naar een ander? Onderzoek wat je voelt, denkt en doet. 

Stap drie is verschillende standpunten innemen. Je kan naar een situatie kijken vanuit de “ik” positie. Dit noemen ze geassocieerd denken. Je denkt vanuit je zelf. Gedachten als: “ik vind het niet vervelend als zij zo loop te klagen” is een geassocieerde (ik-gerichte) gedachte. Zit je vaak in de ik-positie dan kan je wel eens het verwijt krijgen: “jij denkt ook alleen maar aan jezelf, het moet altijd over jou gaan, je hebt geen interesse in mij”.

De “jij”positie is een geassocieerde positie maar dan ga je in andermans schoenen staan. Je denkt of zegt dan dingen als: “het moet wel heel vervelend voor je zijn dat je je zo alleen voelt, ze zal zich wel heel rot voelen nu ze ruzie heeft met haar broer.” Je zit nog steeds in een soort ik-positie maar je zit in de ik-positie van de ander.

De derde positie is de overzicht positie. Ook wel helikopterview genoemd. Je kijkt gedissocieerd naar een situatie. Je kijkt er vanuit het standpunt van een derde partij naar. Je krijgt dan: “ik zie dat Tim het moeilijk heeft want hij zegt dat het hem erg veel verdriet doet en hij huilt en ik neem waar dat Anke daar van weg loopt en haar schouders ophaalt. 
Je kan deze situatie feitelijk waarnemen door alleen te benoemen wat je ziet, hoort of ruikt en je kan er betekenis aan geven maar dit doe je dan weer uit het eigen referentiekader, de eigen interpretatie: "Anke kan het kennelijk niets schelen want ze loopt weg en haalt haar schouders op”.

Herkaderen is iets een andere betekenis geven. Een ander standpunt innemen, een andere waarde toekennen. In bovenstaande geval krijg je dan: “Anke heeft het er ook moeilijk mee en loopt daarom weg” of “Anke kan er niets aan doen en haalt daarom haar schouders op omdat ze het ook niet weet” of “Anke kan er niet tegen als Tim huilt en wilt daar niet mee geconfronteerd worden” of “Anke moet ook huilen en wit dit niet laten zien en draait zich daarom om en loopt weg”.

Herkaderen kan maken dat je iets op een andere manier gaat bekijken. Immers is er niet enkel één waarheid. Een betekenis. Wat iemand doet en iemand zegt hoeft niet eens overeen te komen omdat er allerlei redenen zijn waarom iemand bepaald gedrag laat zien of bepaalde dingen doet. Jouw waarheid bestaat niet en evenmin bestaat de mijne. Een gebeurtenis is voor meerdere uitleg vatbaar, heeft vaak onbewuste processen (triggers, ervaringen, pijnpunten) die mee bepalen hoe iemand doet of waarom iemand iets doet of hoe iemand ergens over denkt. Een gebeurtenis op zich is vanuit verschillende standpunten bekeken iets wat je op vele manieren van betekenis kan geven en kan herkaderen.

Probeer het eens zelf.



Geen opmerkingen: