woensdag 15 mei 2013

De burgerzoektocht en de opsporing

Wat bezielt mensen om mee te gaan zoeken naar Ruben en Julian? Wat drijft hen? Is het medelijden? Zucht naar avontuur, ramptoerisme?

Het AD schrijft bij monde van massapsycholoog Jaap van Ginneken:
Aanvankelijk wilde de politie niets weten van vrijwilligers die de bossen doorzochten naar de vermiste broers Ruben en Julian. Maar die houding veranderde, stelt massapsycholoog Jaap van Ginneken vast. 'Beter om zelf de regie in handen te nemen. Heel verstandig'.
Op het snijvlak van opsporing en en medeleven opereren enkele honderden vrijwilligers al diverse dagen om de politie te helpen bij het vinden van de vermiste jongens. De emotionele oproep van de moeder circuleerde al vanaf het begin van de vermissing, razendsnel op Facebook. Daarna kwam pas de Amber Alert. Die was wat laat, gaf de politie ook toe.

Hot item of Cold case dadelijk?
Andere mensen blijven thuis en het nieuws rondom de jongens en de tragische dood van hun vader is "hot item" op de vrijwel alle nieuwssites. Jaap van Ginneken stelt dat er door internet bliksemsnel tegenwoordig sprake is van een psychologisch fenomeen van "massa besmetting". Het is zoals oud als de mensheid en komt voort uit diverse motivatie factoren waaronder het verlangen om mee te beleven, het symbolisch ook iets kunnen doen en dat levert een prettig gevoel op.

Ondertussen woekeren de discussies hierover breed overal op internet. Is de politie wel discreet hiermee om gegaan? Wel of niet dit soort persoonlijke informatie delen? Sensatiezucht of bittere noodzaak?

Het is ontzettend moeilijk voor de politie om in dit soort gevallen de jongetjes op te sporen. Het kan zijn dat ze nog in leven zijn en dat er grote risico's zijn als ze niet snel gevonden worden. Het is bekend dat bij vermissingen dat hoe langer het duurt dat er uitsluitsel komt, hoe kleiner de kans is dat een slachtoffer nog levend wordt aangetroffen. Dus is het zaak dat er zo snel mogelijk de hulp van het publiek wordt ingezet als het nog "vers" is, immers zijn getuigen nu makkelijk te vinden dan over vijf jaar als het een cold case zaak is.

Daarbij laat iemands geheugen ook steeds meer te wensen over naarmate er meer tijd verstrijkt. Iemand kan zich nu nog herinneren dat hij schoenen heeft zien liggen maar over drie maanden al lang niet meer. Als je dan pas gaat vragen of dat iemand dat gezien heeft dan ben je te laat.

Moeder zocht publiciteit
Ook heeft de moeder van de jongetjes heel veel op facebook in de openbaarheid gebracht waardoor er allerlei burgerinitiatieven ontstonden. Mensen gingen spontaan velden en gebieden doorzoeken met grote kans dat er juist sporen vernietigd worden in plaats van gevonden omdat mensen ongecoördineerd niet weten wat ze doen, waar ze naar zoeken of juist sporen laten liggen die heel belangrijk zijn (zoals bijv. het stuk sleepkabel wat nog steeds ontbreekt).

Crowdsourcing
Dan kan de politie maar beter zelf de regie nemen en de mensen die willen helpen coördineren. Crowdsourcing blijkt daarbij ook steeds meer een grote rol te gaan spelen in het oplossen van misdrijven aangezien er vaak meer mensen (on)bewust meer weten dan ze zelf denken. Immers als je niets vraagt aan het publiek, weten ze ook niet waar naar gezocht wordt.

Facebook
Facebook heeft laten zien in de beelden die verspreid werden van de "kopschoppers" in Eindhoven dat binnen de kortste keren ze geïdentificeerd waren en daarmee sneller een oplossing in een zaak kwam terwijl het anders misschien nooit opgelost zou zijn. Opsporingsinstanties gebruiken de social media en crowdsourcing steeds vaker om sneller zaken op te lossen maar dan alleen bij ernstige zaken waarbij er sprake is van geweld.

Als ze nog leven, kunnen ze ergens opgesloten zitten, vastgebonden zitten, elke dag dat ze vermist zijn is er een teveel en ik geef de politie gelijk dat ze alles op alles zetten wat ze kunnen om uitsluitsel te krijgen.  Met een zelfmoord van een vader is de kans groot dat ze zelf ook in levensgevaar zijn of erger.. Niets is zo erg als het niet weten of denken later: hadden we toen toch maar....

Als het mijn zoontje(s) waren geweest dan ben ik ook blij met zoveel aandacht hiervoor en dat iedereen mee zoekt, mee werkt en dat men dit doet. Ik kan me niet voorstellen dat je als moeder dan gaat zeggen: ach doe maar niet.. het is zo'n ramptoerisme anders. Toch?

Geen opmerkingen: