vrijdag 21 september 2012

Wolfskinderen en het gebrek aan zelfbeeld

Ik was van de week, vanwege mijn studie bij een bijeenkomst over de ontwikkelingspsychologie van het kind. Deze avond werd gegeven door Steven Pont, ontwikkelingspsycholoog en systeemtherapeut.

Ik vond dit een boeiende bijeenkomst. Met name het onderdeel hoe het zelfbeeld zich vormt onder invloed van de omgevingsomstandigheden en dat bij het ontbreken van een menselijke omgeving, dat een kind/volwassene geen zelfbeeld kan ontwikkelen (denk aan wolfskinderen of kinderen die opgroeien bij dieren). Dat was nieuw voor mij. Zij kennen geen menselijke component in hun cruciale eerste zes jaar en door gebrek aan spiegeling aan volwassenen en zelfreflectie, ontwikkelen ze geen zelfbeeld. Dieren hebben immers ook geen zelfbeeld.



Het zelfbeeld wat iemand heeft wordt dus ontleent aan andere mensen, ontstaat door wat anderen en de omgeving tegen dat kind heeft gezegd, hoe ze het kind hebben behandeld. Het idee van de emmertjes die gevuld worden door ervaringen  in de kindertijd en die bepalen hoe we ons als volwassene gedragen, waar onze overtuigingen vandaan komen, waar stoornissen als narcisme door kunnen ontstaan, is boeiend en iets om te onthouden.



Als a.s. counselor heb ik ervan geleerd dat je dus telkens weer even terug dient te kijken naar wat er gebeurd is met iemand als kind, waardoor iemand denkt wat hij nu denkt. Daar zijn immers de overtuigingen en het zelfbeeld ontstaan. Daar is het evt. gebrek aan zelfvertrouwen terug te vinden (de vroegere ervaringen).



In de bijgaande filmpjes zie je een documentaire over kinderen die zijn opgegroeid voor een deel van hun jeugd bij dieren. Je ziet hier kinderen die bepaalde zaken nooit meer kunnen leren. De fase in hun leven dat ze bijvoorbeeld taal moesten leren is dan al voorbij en ze leren dan ook nooit meer echt taal aan. De hersenen zijn "gesnoeid" (use it or loose it) op basis van overleven in het wild of omgaan met de dieren in de groep i.p.v. menselijk taalgebruik.



De bedrading van de hersenen is anders ontwikkeld. De kritische leerfase voor sommige vaardigheden is voorbij en zal niet meer terug komen. Het maakt dat dit soort kinderen nooit helemaal "normaal" kunnen worden. Ze kunnen, afhankelijk van de tijdspanne dat ze zonder menselijk contact waren, nog wel leren aanpassen aan de menselijke interactie.

Geen opmerkingen: